Zoekend naar een evenwicht tussen snelheid en lawaai

Ik leun met mijn schouderbladen tegen de muur, om de hoek van onze straat. Ik heb mijn ogen dicht. De zon schijnt in mijn gezicht. Ik wacht naast mijn fiets. De oudste was haar sleutels vergeten. Ze is nu met de mijne weer naar boven. "O," had ze gezegd, haar hand nog niet eens in haar jaszak. Uit mijn mond was ook een "O" gerold. Als een echo. Even had ik niet bewogen, het moment van stilte op he

Lees het hele artikel op Parool.nl »